Ook Tashi Rabten is vrij!

image

De Tibetaanse schrijver/redacteur Tashi Rabten (schrijversnaam: Te’urang), die vier jaar in de gevangenis heeft gezeten, is op 29 maart vrijgelaten. Vermoedelijk heeft het jaar dat Rabten in voorarrest zat meegeteld bij de vrijlating. Mogelijk spelen ook gezondheidsproblemen een rol.

(door Job Degenaar)

Rabten, student aan de Northwest University for Nationalities in Lanzhou, West-China, stond op het punt af te studeren toen hij door de Chinese overheid gearresteerd werd vanwege zijn publicaties. Hij werd veroordeeld tot vier jaar gevangenisstraf vanwege het aanzetten tot separatisme.
Als schrijver publiceerde hij politieke essays en po√ęzie, getiteld Written in blood, en was hij redacteur van de verboden krant ‘Shar Dungri‘ (Sneeuwberg in het Oosten), waarin Tibetanen reageerden op de etnische protesten in maart 2008 in Lhasa en andere Tibetaanse gebieden in het westen van China en op het daaropvolgende hardhandige optreden van de Chinese autoriteiten. Aanleiding voor het overheidsgeweld was de volksopstand tegen de Chinese overheersing en de steun van het volk voor de Dalai Lama.

In 2009 meldden Tibetaanse bloggers Rabtens vermissing. Op 2 juni 2011 werd Rabten achter gesloten deuren door de Ngawa Intermediate People’s Court tot vier jaar gevangenisstraf veroordeeld. Volgens de Tibetaanse regering in ballingschap werden er bij de onlusten in 2008 140 mensen gedood en meer dan 2300 gearresteerd. Nog altijd zijn er honderden Tibetanen vermist. Tashi Rabten is uitsluitend vanwege zijn geschriften veroordeeld en niet betrokken geweest bij enige vorm van geweld. PEN Nederland heeft de afgelopen jaren actie gevoerd tegen zijn arrestatie.
Op een Tibetaanse blog werd op 4 november 2012 Brief uit de gevangenis gepost. Daarin worden vrienden en collega-schrijvers genoemd, van wie sommigen op dat moment in dezelfde gevangenis zitten, zoals Shar Dungri-redacteuren Garmi en Nyen. Hij noemt ook Me Che, een intellectueel die in oktober 2011 gearresteerd werd.

Brief uit de gevangenis

Hoe gaat het, vrienden? Hoe is het met ons dierbare kind, dat de gelaatskleur heeft van een schelp, het bergachtige lichaam, dat een pantser draagt, gemaakt van letters, en een levendige geest en ziel heeft? Hoe oud is het nu? Leven Me Che en Galtsig in vrijheid? Ik vraag me af, waar Zhog, Gyen, Yang en Me zijn. Maken ze nog altijd geluid onder de zware storm en regen?

Hoe gaat het met onze familieleden Shogjang, Nodring, Byangdong, Dronpo en Choleb Dawa? Delen Ruthur en Dzumdrug van de Noordwest-universiteit nog steeds hun scherpe geesten en heldere gedachten met jullie allen?
Ik hoop dat onze gezamenlijke droom spoedig uitkomt. Hier maken Nyen, Garmi, Chenag, Tsagbig, Choleb Dawa, die hetzelfde lot delen, en ik het goed. We zullen hardop de waarheid verkondigen, waar we ook zijn.

Hier lijken onze gedachten als goud en ze schitteren altijd helder, hoewel onze lichamen als lijken in het duister opgeborgen zijn. De wijsheid van grote denkers als Tolstoj, Rousseau, Hugo en Baudelaire brengen mij licht in de duisternis en hebben mij laten zien dat vrijheid geen grenzen kent.
Deze keer, vrienden, werd ik gedwongen om de donkere kant van het communisme te zien en ik werd afgedankt door een samenleving die besmuikt wordt door drek en afwijkingen. Ik heb de indruk dat ik deze maatschappij niets verschuldigd ben. Daarom zul je wijselijk de balans moeten vinden tussen werken voor de overheid en je persoonlijke mening. Als ik er in slaag mijn straf uit te zitten en levend hieruit kom, welke keuzes moet ik dan maken? Moeilijk om een dergelijke beslissing te nemen. Ik bewonder de keuzes die jij hebt gemaakt.

Ik had de gelegenheid om het boek ‘Maak een onderscheid voor de jeugd’, echt een eye-opener, samengesteld door mijn vriend Me Che, te lezen. Het boek behandelt denkbeelden van drie grote mannen (een buitenlander, een Tibetaan en een Chinees) en is uitstekend. Ik ben vol lof over dit waardevolle boek. Ik heb nog wat meer boeken nodig; wil je me die alsjeblieft toesturen?

Met hoopvolle groet,
The’urang

(26 september 2012, Mianyang Gevangenis)

(Nederlandse vertaling vanuit het Engels: Job Degenaar)